Uitspraak
Rekestnummer: 15/1544 en 15/1545
Overwegingen
Beslissing
Op de voet van artikel 164 Wegenverkeerswet Pro 1994:
wijsthet verzoek af.
Op de voet van artikel 591a Wetboek van Strafvordering:
wijsthet verzoek af.
Rechtbank Midden-Nederland
Verzoeker heeft een schadevergoeding gevraagd op grond van artikel 164 lid 9 Wegenverkeerswet Pro vanwege de inhouding van zijn rijbewijs na een aanrijding waarbij hij betrokken was en waarbij een hoog alcoholpromillage werd vastgesteld.
Hoewel verzoeker door de politierechter is vrijgesproken, oordeelt de rechtbank dat de inhouding van het rijbewijs terecht was vanwege het hoge alcoholpromillage van 1090 µg/l bij aanhouding. Verzoeker kon niet aannemelijk maken dat het promillage pas na het rijden was ontstaan.
De rechtbank stelt dat het rijbewijs op goede gronden is ingevorderd en ingehouden en dat verzoeker zelf verantwoordelijk is voor de situatie. Daarom ontbreken de gronden van billijkheid die een vergoeding zouden rechtvaardigen. Het verzoek wordt afgewezen, evenals het verzoek tot vergoeding van raadsman kosten.
Uitkomst: Het verzoek tot schadevergoeding en vergoeding van raadsman kosten wordt afgewezen wegens het ontbreken van billijkheidsgronden.