Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
[veroordeelde] ,geboren op [1994] te [geboorteplaats] (Kenia),
hierna te noemen de veroordeelde.
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 3 maart 2015 een bezwaarschrift van de veroordeelde tegen de kennisgeving van tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis. De veroordeelde was veroordeeld tot een taakstraf van 120 uren, subsidiair 60 dagen vervangende hechtenis. Uit een brief van de reclassering bleek dat de veroordeelde de taakstraf aanvankelijk niet volledig had verricht, waarna de tenuitvoerlegging van 18 dagen vervangende hechtenis werd bevolen.
Tijdens de zitting werd echter vastgesteld dat de veroordeelde het resterende deel van de taakstraf inmiddels naar behoren had voltooid. De rechtbank nam dit mee in haar overwegingen en concludeerde dat het bezwaarschrift gegrond moest worden verklaard. De kennisgeving van de tenuitvoerlegging was aan de veroordeelde betekend en het bezwaarschrift was tijdig ingediend.
De rechtbank besloot daarom dat de tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis niet door hoeft te gaan, omdat de veroordeelde aan zijn taakstrafverplichting heeft voldaan. De beslissing werd uitgesproken door de meervoudige kamer voor strafzaken in Utrecht.
Uitkomst: Het bezwaarschrift van de veroordeelde wordt gegrond verklaard omdat hij de taakstraf volledig heeft verricht, waardoor de tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis niet doorgaat.