Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
.Daarnaast werkt zij in de prostitutie. [19] Zij woonde bij haar moeder, maar is weggegaan. Zij slaapt met [A] bij zijn zus. [20] De man op de door de politie getoonde foto van verdachte herkent zij als [A], die volgens haar ook [verdachte] heet.
Zeg tegen die mensen vandaar ja voor mezelf enzo als ze moeilijk doen en wiss alles van je telefoon”.
het oogmerk van uitbuitingdoor gebruik van
dwangmiddelenheeft geworven, vervoerd, overgebracht, gehuisvest of opgenomen (te weten:
handelingen) (artikel 273f lid 1 sub 1 Sr), (ii) verdachte door het hanteren van dergelijke middelen een persoon gedwongen heeft of bewogen heeft zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van prostitutiewerkzaamheden (artikel 273f lid 1 sub 4 Sr), (iii) verdachte opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting van een ander persoon (artikel 273f lid 1 sub 6 jo. lid 2 Sr) of (iv) verdachte door het hanteren van voornoemde middelen een persoon heeft gedwongen dan wel heeft bewogen hem te bevoordelen uit de opbrengst van diens seksuele handelingen (artikel 273f lid 1 sub 9 Sr).
5.Bewezenverklaring
6.De strafbaarheid van het feit
- ten aanzien van parketnummer 16/661749-13:mishandeling;
- ten aanzien van parketnummer 16/703253-13:mensenhandel.
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
12 maanden, met aftrek van voorarrest;
9.Ten aanzien van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
[slachtoffer 2]vordert een schadevergoeding van € 16.080,00 bestaande uit € 11.080,00 aan materiële schade en € 5.000,00 aan immateriële schade.
De rechtbank acht verdachte aansprakelijk voor die schade.
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
6 maanden.
de maatregel plaatsing in een inrichting voor jeugdigen.
[slachtoffer 2]toe tot een bedrag van
€ 5.080,00.