ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ1050
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen voormalige KIA-dealers tegen KIA Motors inzake voortzetting contractuele relatie en mededingingsrecht
De voormalige KIA-dealers vorderden dat KIA Motors de contractuele relatie met hen zou voortzetten of hen als erkende reparateur zou erkennen, mede onder verwijzing naar mededingingsrechtelijke bepalingen en de redelijkheid en billijkheid. KIA Motors was na het faillissement van KIA Nederland opgericht en bood een voorlopige overeenkomst aan, die op 31 juli 2009 eindigde.
De rechtbank oordeelde dat er geen gerechtvaardigd vertrouwen bestond dat de contractuele relatie met KIA Motors onbepaalde tijd zou voortduren. De voorlopige overeenkomst was tijdelijk en beëindigde de relatie. Ook was KIA Motors geen rechtsopvolger van KIA Nederland, waardoor zij niet gehouden was de relatie voort te zetten. De stellingen over schending van het kartelverbod en misbruik van machtspositie werden afgewezen omdat onvoldoende bewijs werd geleverd dat sprake was van een verboden overeenkomst, onderling afgestemde feitelijke gedraging of misbruik.
De rechtbank concludeerde dat KIA Motors vrij was om te contracteren met wie zij wenste en dat de vorderingen van de eisers ongegrond waren. De eisers werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen af en veroordeelt de eisers in de proceskosten.