Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 10 april 2013
- het proces-verbaal van comparitie van 15 juli 2013
- de conclusie van antwoord in reconventie
- de akte na comparitie, tevens houdende wijziging van eis van [gedaagde]
- de antwoordakte na comparitie van [eiser]
2.De feiten
3.Het geschil
in conventie
- € 14.850,00, althans een bedrag gelijk aan het bedrag dat [eiser] als aandeel uit de vennootschap heeft opgenomen in 2011,
- een door de rechtbank te begroten bedrag ter vergoeding van de schade ten gevolge van het tekortschieten van [eiser] als (samengevat) medevennoot zoals uitgewerkt onder 12 van de conclusie van antwoord tevens eis in reconventie,
- € 3.080,00, op grond van vereenzelviging en onrechtmatige daad, vanwege onbetaalde (snurk)beugels die [gedaagde] voor ASA heeft gemaakt, in de voorperiode van de v.o.f.,
- € 6.800,00 aan loon voor de uitvoering van de opdracht bij monde van [eiser] voor opleidingswerkzaamheden voor ASA, in de voorperiode van de v.o.f.,
- € 25.214,85, wegens onbetaalde werkzaamheden die in opdracht van ASA aan de v.o.f. door [gedaagde] zijn verricht,
- € 10.000,00 ter vergoeding van werkzaamheden van [gedaagde] ten behoeve van ASA/[eiser], en waarvan uit de administratie blijkt dat daarvoor geen bedragen zijn opgenomen,
- € 3.430,00, althans tot teruggave van de goederen die [gedaagde] niet bij [eiser] heeft opgehaald en waarvan dit bedrag de waarde vertegenwoordigd.
4.De beoordeling
in conventie en in reconventie
€ 3.080,00
ad € 500,00 +
Proceskosten
2.842,00(2 punten × tarief € 1.421,00)
1.117,50(2,5 punten × factor 0,5 × tarief € 894,00)