ECLI:NL:RBMID:2012:BW7416
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- De Jager
- Woltring
- Sutorius
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid vervolging wegens schending vertrouwensbeginsel bij achterdeurproblematiek coffeeshop
Verdachte werd verdacht van het aanwezig hebben van grote hoeveelheden hennep, hasjiesj en joints in een pand te Goes, bestemd voor zijn coffeeshops. De zaak werd inhoudelijk behandeld waarbij het Openbaar Ministerie de vervolging instelde, maar de verdediging stelde dat het OM niet-ontvankelijk moest worden verklaard omdat er geen overlastmeldingen waren en geen signaal vanuit het driehoeksoverleg om de bevoorrading te onderzoeken.
De rechtbank stelde vast dat de stash uitsluitend bestemd was voor de coffeeshops van verdachte en dat verdachte zich hield aan de AHOJ-G criteria zonder overlast. Door sluiting van andere coffeeshops nam het aantal bezoekers toe, waardoor een grotere voorraad noodzakelijk was. De rechtbank oordeelde dat bij het gedogen van de verkoop ook de aanvoer gedoogd moet worden, en dat het beleid binnen de driehoek gericht was op het ongemoeid laten van de achterdeur.
Omdat het OM niet tijdig en kenbaar had gemaakt dat het vervolgingsbeleid was gewijzigd, werd het vertrouwen van verdachte en zijn medewerkers geschonden. Dit leidde tot aan willekeur grenzende rechtsonzekerheid. Daarom verklaarde de rechtbank het OM niet-ontvankelijk in de vervolging.
Uitkomst: Het Openbaar Ministerie is niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging wegens schending van het vertrouwensbeginsel.