ECLI:NL:RBMID:2007:BJ4487
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tussentijds hoger beroep tegen gedeeltelijk tussenvonnis
Eiser heeft bij brief van 20 juli 2007 de rechtbank verzocht om verlof voor het instellen van tussentijds hoger beroep tegen het tussenvonnis van 2 mei 2007. Dit tussenvonnis wees een deel van de vordering van eiser af en verwees de rest van de zaak naar de rol voor verdere behandeling.
De rechtbank overwoog dat het tussenvonnis deels een eindvonnis betrof waartegen hoger beroep openstaat, en deels een tussenvonnis waartegen zonder verlof geen hoger beroep mogelijk is. Omdat voor het overige deel van de zaak nog geen overwegingen of beslissingen waren gegeven, zag de rechtbank geen belang bij het verzoek van eiser.
ZLM wees op de te verwachten vertraging van de procedure bij tussentijds hoger beroep. De rechtbank gaf aan dat het belang van ZLM bij voortgang van de procedure moet prevaleren boven het verzoek van eiser.
Daarom wees de rechtbank het verzoek om verlof tot tussentijds hoger beroep af. Het vonnis werd op 1 augustus 2007 door rechter J. de Graaf gewezen en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het verzoek om verlof tot tussentijds hoger beroep wordt afgewezen wegens gebrek aan belang en ter voorkoming van vertraging.