ECLI:NL:RBMID:2005:AU0907
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Damsteegt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking verklaring van geen bezwaar op grond van veiligheidsrisico
Eiser werd geconfronteerd met een voornemen tot intrekking van zijn verklaring van geen bezwaar na een hernieuwd veiligheidsonderzoek, gebaseerd op eerdere strafrechtelijke veroordelingen. Hij reageerde niet binnen de gestelde termijn, waarna het voornemen als besluit werd aangemerkt. Eiser diende bezwaar in en bracht onder meer naar voren dat het beleid om op basis van eerdere veroordelingen zonder meer een veiligheidsrisico aan te nemen onredelijk was, mede vanwege het tijdsverloop en zijn goede functioneren.
De rechtbank oordeelde dat de wijze van totstandkoming van het besluit in strijd was met de Algemene wet bestuursrecht, met name vanwege het ontbreken van een definitief besluit en gebrekkige bekendmaking. Dit leidde tot vernietiging van het besluit. Desondanks werd het beroep inhoudelijk behandeld, waarbij de rechtbank het beleid van de Minister van Defensie als niet onredelijk beoordeelde. De eerdere veroordelingen van eiser vormden een redelijke grond voor het intrekken van de verklaring.
De rechtbank concludeerde dat er geen bijzondere omstandigheden waren die een afwijking van het beleid rechtvaardigden, ondanks het verlies van de baan door eiser. Het tijdsverloop van minder dan tien jaar sinds de veroordelingen maakte ook een afwijking niet aannemelijk. Daarom was de intrekking op goede gronden genomen. De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit bleven in stand, en eiser kreeg vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de verklaring van geen bezwaar wordt vernietigd vanwege procedurele fouten, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.