ECLI:NL:RBMAA:2010:BL4282
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens niet tot stand gekomen overeenkomst na proefperiode
Winkelparade vordert betaling van € 832,81 van [gedaagde] voor geleverde diensten en bijkomende kosten. [gedaagde] stelt dat zij slechts een proefperiode van twee maanden is aangegaan en dat de overeenkomst niet definitief is geworden omdat zij geen akkoord heeft gegeven na afloop van de proefperiode.
De rechtbank stelt vast dat er een proefperiode is overeengekomen, maar dat onduidelijk is of na afloop daarvan een automatische voortzetting van de overeenkomst heeft plaatsgevonden. De uitleg van de overeenkomst is ambigu en beide partijen geven een verdedigbare interpretatie.
De rechtbank volgt de uitleg van [gedaagde], die stelt dat zij pas na expliciete instemming en het doorgeven van betaalgegevens gebonden wilde zijn. Winkelparade had actief moeten navragen of de overeenkomst voortgezet moest worden. Omdat Winkelparade dit niet heeft gedaan, is de overeenkomst na de proefperiode niet voortgezet.
Daarom wijst de rechtbank de vordering van Winkelparade af en veroordeelt haar tot betaling van de proceskosten aan [gedaagde].
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af omdat de overeenkomst na de proefperiode niet is voortgezet.