ECLI:NL:RBMAA:2006:AV4205
Rechtbank Maastricht
- Kort geding
- F.B. Bergmans
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot uitsluiting inschrijver wegens opgelegde boete in aanbestedingsprocedure
Growepa heeft de provincie gedagvaard in kort geding vanwege het voornemen tot gunning van een overheidsopdracht aan de laagste inschrijver, die door de NMa beboet is wegens overtreding van de Mededingingswet. Growepa stelde dat deze boete een uitsluitingsgrond vormt op grond van het Besluit aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten (BAO) en de Beleidsregels integriteit en uitsluiting bij aanbestedingen in BIBOB-sectoren.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de boete van de NMa, waartegen bezwaar is ingesteld en die niet onherroepelijk is, onvoldoende is om te spreken van een ernstige fout die uitsluiting rechtvaardigt. Ook verwees de rechter naar het toepasselijke ARW 2004, waarin uitsluiting alleen mogelijk is bij een vonnis in kracht van gewijsde of een onherroepelijk besluit. De provincie heeft beleidsvrijheid bij de gunning, en Growepa heeft niet aannemelijk gemaakt dat het gunnen aan de laagste inschrijver in strijd is met beginselen van behoorlijk bestuur of redelijkheid en billijkheid.
Daarnaast was de verklaring van de laagste inschrijver bij het bestek niet onjuist ingevuld, omdat de boete werd opgelegd nadat de aanbestedingsprocedure al liep. De voorzieningenrechter wees daarom de vordering van Growepa af en veroordeelde haar in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van Growepa wordt afgewezen en de provincie mag het werk gunnen aan de laagste inschrijver ondanks de opgelegde boete.