ECLI:NL:RBMAA:2005:AT5287
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.E. Bakker
- M.W.J. Sloots
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over recht op inkomstenvrijlating en overgangsregeling WWB
Eiseres ontving vanaf juli 2000 inkomstenvrijlating op grond van de Algemene bijstandswet (Abw). In 2004 maakte zij bezwaar tegen een uitkeringsspecificatie waarin zij meende dat de uitbetaling over februari 2004 onvolledig was en niet overeenkwam met eerdere informatie.
Verweerder stelde dat eiseres vanaf 1 januari 2004 geen recht meer had op inkomstenvrijlating op grond van de Wet Werk en Bijstand (WWB) en de overgangsregeling in de Invoeringswet WWB (IWWB), omdat zij op de peildatum 31 december 2003 geen recht had op bijstand. Verweerder nam geen formeel intrekkingsbesluit over december 2003, maar verrekende inkomsten waardoor geen uitkering werd betaald.
De rechtbank oordeelde dat het recht op bijstand niet formeel was beëindigd door een intrekkingsbesluit en dat de overgangsregeling van artikel 9 IWWB Pro daarom van toepassing is. Verweerder had de regeling onjuist toegepast door te veronderstellen dat het recht op bijstand en daarmee op inkomstenvrijlating was geëindigd. Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder werd opgedragen een nieuw besluit te nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, met veroordeling in proceskosten.