Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
.Het eerste gesprek is toen beëindigd.
3.Het verzoek en het verweer
in redelijkheidniet worden verwacht om [verweerder] opnieuw te laten terugkeren in de organisatie. Het risico dat vijf werknemers - mogelijk meer - vertrekken, is onacceptabel. Bij een personeelsbestand van 29 medewerkers zou dit niet alleen een persoonlijk verlies zijn, maar tevens een bedrijfsrisico van onaanvaardbare proporties.
4.De beoordeling
willenaanpassen. De kantonrechter acht het veel aannemelijker dat er sprake is van een beperkt repertoir van technieken om leiding te geven, of zelfs een nagenoeg ontbreken daarvan, bij [verweerder] , in plaats van onwil.