Uitspraak
Zittingsplaats Roermond
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 februari 2025 in de zaken tussen
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
de Belastingdienst Toeslagen, verweerder
Inleiding
(inclusief € 225,- rente
). Met het bestreden besluit van 11 maart 2024 op het bezwaar van eiser is verweerder bij dat besluit gebleven.
Overwegingen
)moet terugbetalen, omdat eisers vermogen te hoog is. Het vermogen (de rendementsgrondslag) zelf is niet in geschil. De rechtbank moet beoordelen of het klopt dat (het restant van) de uitkering (in 2019) uit de arbeidsongeschiktheidsverzekering (in 2021) wordt meegeteld bij het vermogen van eiser of dat verweerder een uitzondering had moeten maken en dat vermogen als bijzonder vermogen had moeten aanmerken.
€51.281,-. Dit betekent dat verweerder zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat eiser geen recht heeft op huurtoeslag en de verstrekte huurtoeslag moet terugbetalen.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
Informatie over hoger beroep
(Geldend van 01-01-2021 t/m 31-12-2021)