ECLI:NL:RBLIM:2025:13164
Rechtbank Limburg
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Wraking van rechter op basis van EU-recht zonder objectieve gronden
In deze zaak heeft de wrakingskamer van de Rechtbank Limburg op 27 oktober 2025 een verzoek tot wraking van mr. C. Drent, rechter in de rechtbank Limburg, ongegrond verklaard. Het verzoek werd ingediend door een verzoeker die betrokken was bij een bestuursrechtelijke zaak. De wrakingsgrond was gebaseerd op EU-recht, waarbij de verzoeker stelde dat Nederlandse rechters het EU-recht niet of onvoldoende toepassen. De wrakingskamer oordeelde dat de verzoeker geen feiten of omstandigheden had aangedragen die de onpartijdigheid van de rechter in twijfel trokken. De wrakingskamer benadrukte dat een rechter vermoed wordt onpartijdig te zijn, tenzij er uitzonderlijke omstandigheden zijn die dat tegenspreken. De verzoeker had in korte tijd in drie verschillende zaken een wrakingsverzoek ingediend, gebaseerd op hetzelfde stuk, wat door de wrakingskamer als obstructief werd beschouwd. De wrakingskamer besloot dat toekomstige verzoeken tot wraking, die gebaseerd zijn op hetzelfde betoog zonder relevante feiten of omstandigheden, niet in behandeling zullen worden genomen.