Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
primair) heeft geprobeerd de 14-jarige [naam slachtoffer] te verkrachten vergezeld door dwang, geweld en/of bedreiging, althans (
subsidiair) die [naam slachtoffer] heeft aangerand vergezeld door dwang, geweld en/of bedreiging;
3.De beoordeling van het bewijs
- de bekennende verklaring van de verdachte afgelegd ter terechtzitting van 25 november 2025;
- het proces-verbaal rijden onder invloed d.d. 6 februari 2025, pagina 7 t/m 9;
- het rapport ademonderzoek-resultaat d.d. 30 januari 2025, pagina 20.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
: poging tot gekwalificeerde verkrachting in de leeftijdscategorie van twaalf tot zestien jaren
mishandeling
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf
7.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
03.032674.25
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte tot een
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van een proeftijd zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
- stelt de volgende bijzondere voorwaarden, waaraan de veroordeelde gedurende de proeftijd heeft te voldoen:
Meldplicht bij reclassering
- geeft aan de reclassering de opdracht als bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;
- voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd:
ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van
9 maanden;
- wijst de
- wijst de vordering tot vergoeding van proceskosten van de benadeelde partij af, voor zover deze ziet op de reis- en parkeerkosten van € 64,07;
- veroordeelt de verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken;
- legt aan de verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van [naam slachtoffer] , van een bedrag van 151,35 euro, bestaande uit materiële schade, en 5.000,00 euro, bestaande uit immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 30 januari 2025 tot aan de dag der algehele voldoening en bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 60 dagen. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op;
- de verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde bevrijd voor