ECLI:NL:RBLIM:2025:12158

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
10 december 2025
Publicatiedatum
9 december 2025
Zaaknummer
ROE 23/1695
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing subsidieaanvraag vloerisolatie op basis van de Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen

In deze zaak heeft eiseres beroep ingesteld tegen de gedeeltelijke afwijzing van haar subsidieaanvraag voor vloerisolatie op grond van de Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH). De minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening heeft de aanvraag afgewezen omdat de vloerisolatie niet in de bestaande thermische schil van de woning is aangebracht. De rechtbank heeft op 10 december 2025 uitspraak gedaan en het beroep ongegrond verklaard. De rechtbank oordeelt dat de vloer tussen twee verwarmde appartementen niet als onderdeel van de thermische schil kan worden beschouwd, waardoor de subsidieaanvraag niet voldoet aan de voorwaarden van de SVOH. Eiseres had op 13 december 2022 de subsidieaanvraag ingediend, maar de minister heeft deze op 9 februari 2023 gedeeltelijk afgewezen. Eiseres heeft bezwaar gemaakt, maar de minister heeft het bestreden besluit op 15 juni 2023 gehandhaafd. De rechtbank heeft de zaak op 13 mei 2025 behandeld, waarbij eiseres niet zelf aanwezig was, maar haar partner als gemachtigde optrad. De rechtbank heeft vastgesteld dat de relevante bepalingen van de SVOH niet gedefinieerd zijn, maar dat de gebruikelijke betekenis van de term 'thermische schil' in de bouwkundige context voldoende duidelijk is. De rechtbank concludeert dat de minister de subsidieaanvraag terecht heeft afgewezen, omdat de vloerisolatie niet in de bestaande thermische schil is aangebracht. Eiseres krijgt geen gelijk en het bestreden besluit blijft in stand. De rechtbank heeft ook geoordeeld dat eiseres geen recht heeft op terugbetaling van griffierecht of vergoeding van proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Roermond
Bestuursrecht
zaaknummer: ROE 23/1695

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 december 2025 in de zaak tussen

[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres

(gemachtigde: [gemachtigde] )
en

de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,

(gemachtigde: mr. C.J.M. Daniels).

Samenvatting

1. Deze uitspraak gaat over het beroep van eiseres tegen het besluit van de minister om haar subsidieaanvraag op grond van de Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH) gedeeltelijk af te wijzen. De aangevraagde subsidie voor het aanbrengen van vloerisolatie in de woning van eiseres is afgewezen omdat deze isolatie niet in de bestaande thermische schil is aangebracht. Eiseres is het hier niet mee eens. De rechtbank beoordeelt de gedeeltelijke afwijzing van de subsidieaanvraag aan de hand van de beroepsgronden.
1.1.
De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de minister op goede gronden geen subsidie heeft verstrekt voor de maatregel die ziet op het aanbrengen van vloerisolatie. Eiseres krijgt dus geen gelijk en het beroep is ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eiseres heeft op 13 december 2022 de onderhavige subsidieaanvraag ingediend. Met het besluit van 9 februari 2023 heeft de minister de aanvraag gedeeltelijk afgewezen. Eiseres heeft hiertegen bezwaar gemaakt. Met het bestreden besluit van 15 juni 2023 is de minister bij de gedeeltelijke afwijzing van de subsidieaanvraag gebleven.
2.1.
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. De minister heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
2.2.
De rechtbank heeft het beroep op 13 mei 2025 op zitting behandeld. Het onderzoek is vervolgens geschorst en de zaak is aangehouden omdat tijdens de zitting gebleken is dat eiseres ook heeft beoogd beroep in te stellen tegen de afwijzing van een andere subsidieaanvraag op grond van dezelfde subsidieregeling op een ander adres binnen hetzelfde gebouw. Ter zitting is verzocht deze zaken gelijktijdig te behandelen. Dat verzoek heeft de rechtbank gehonoreerd. Hierna heeft eiseres aanvullende stukken ingediend en verweerder heeft een aanvullend verweerschrift ingediend.
2.3.
Op 5 november 2025 heeft de rechtbank de zaak daarom gelijktijdig behandeld met de zaak met het zaaknummer ROE 25/1256. Eiseres is niet ter zitting verschenen. Haar partner, [gemachtigde] , is wel verschenen en heeft verklaard dat hij als gemachtigde van eiseres optreedt. Verder is de gemachtigde van verweerder verschenen.

Beoordeling door de rechtbank

Waar gaat deze zaak over?
3. Eiseres heeft subsidie aangevraagd voor drie energiebesparende maatregelen, te weten: dakisolatie, vloerisolatie en HR++ glas. Voor de dakisolatie en het HR++ glas is subsidie toegekend. De subsidieaanvraag voor het aanbrengen van vloerisolatie is afgewezen omdat deze maatregel niet is getroffen in de bestaande thermische schil van de woning. De rechtbank beoordeelt of de minister terecht geen subsidie heeft verleend voor het aanbrengen van vloerisolatie.
4. Eiseres heeft op grond van de SVOH een afzonderlijke subsidieaanvraag ingediend voor spouwmuurisolatie op een ander adres gelegen in hetzelfde gebouw. Deze aanvraag heeft de minister afgewezen omdat niet voldaan is aan de subsidievoorwaarden. De rechtbank verwijst naar de uitspraak van heden met zaaknummer ROE 25/1256 waarin het beroep van eiseres gericht tegen die beslissing wordt behandeld.
Wat is het juridisch kader?
5. De relevante bepalingen van de SVOH staan in de bijlage bij deze uitspraak.
5.1.
De rechtbank stelt vast dat de SVOH op 1 april 2023 is gewijzigd en daarna nogmaals op 1 januari 2025. Omdat de aanvraag is gedaan vóór 1 april 2023 is op grond van het overgangsrecht de SVOH zoals die gold voor 1 april 2023 van toepassing. [1]
Wat vinden partijen?
6. Eiseres vindt de afwijzing van de subsidie voor het aanbrengen van vloerisolatie onterecht. Volgens eiseres moet een vloer tussen twee appartementen wel als onderdeel van de thermische schil van het gebouw gezien worden. De vloer is te vergelijken met een spouwmuur, dak of kelder en deze behoren wel tot de thermische schil. Tussen de twee huurwoningen kan ook warmteverlies op treden, dit wil eiseres voorkomen. Verder draagt de vloerisolatie bij aan de geluidsisolatie en de brandveiligheid. Het is bovendien onlogisch dat isolatiemaatregelen tussen twee verwarmde ruimtes niet voor subsidie in aanmerking komen en tussen een verwarmde en een onverwarmde ruimte (zoals een onverwarmde zolder) wel. Dat onderscheid leidt tot willekeur. De SVOH is bedoeld om isolatiemaatregelen te stimuleren.
7. De minister is van mening dat hij de subsidie voor dit onderdeel terecht geweigerd heeft. Dit deel van de subsidieaanvraag heeft betrekking op het isoleren van de vloer tussen twee appartementen. Deze tussenvloer vormt de scheiding tussen twee verwarmde ruimten en behoort daarom niet tot de thermische schil. Dit brengt met zich mee dat het isoleren van de betreffende vloer niet subsidiabel is.
Wie is procespartij?
8. De rechtbank stelt allereerst vast dat het beroepschrift ook namens de partner van eiseres, [gemachtigde] , is ingediend en ondertekend. Ter zitting heeft hij desgevraagd verklaard dat hij als gemachtigde van eiseres optreedt. De rechtbank leidt hieruit af dat hij niet heeft beoogd zelf als belanghebbende beroep in te stellen. Voor zover zou moeten worden aangenomen dat hij wel zelf beroep heeft willen instellen is hij immers geen belanghebbende als bedoeld in artikel 1:2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) omdat hij de aanvraag niet heeft ingediend en ook geen bezwaar heeft gemaakt tegen het primaire besluit. Een eventueel door hem ingesteld beroep zou om die reden niet-ontvankelijk zijn. De rechtbank beschouwt het beroep daarom als alleen ingesteld door eiseres.
Komt de vloerisolatie in aanmerking voor subsidie op grond van de SVOH?
9. Om in aanmerking te komen voor subsidie voor vloerisolatie op grond van de SVOH moet voldaan worden aan de voorwaarden uit die regeling. In deze zaak verschillen partijen van mening over de vraag of voldaan is aan de voorwaarde dat de vloerisolatie moet worden aangebracht in de bestaande thermische schil van de woning. [2]
9.1.
De rechtbank stelt vast dat in de SVOH niet gedefinieerd is wat een thermische schil is. Dat betekent echter niet dat onvoldoende duidelijk is wat met de thermische schil bedoeld wordt. Omdat de term in de regeling niet wordt gedefinieerd hanteert de rechtbank de gebruikelijke betekenis van de term in de bouwkundige context. De thermische schil van een woning wordt gevormd door de bouwkundige constructies die de woning omhullen en die niet grenzen aan een verwarmde ruimte. Dit zijn de constructies die de woning afscheiden van de buitenomgeving (bijvoorbeeld buitenlucht, water, grond) of aangrenzende onverwarmde ruimten. [3] Die betekenis kan ook in de ISSO-publicatie 82.1 gevonden worden. Het gebruik van de term thermische schil biedt een expliciete en technisch nauwkeurige afbakening van de isolatiemaatregelen die voor subsidie in aanmerking komen. Indien en voor zover het voor eiseres onduidelijk was wat onder thermische schil moest worden verstaan had het op haar weg gelegen om hierover, voorafgaande aan de investeringen, navraag te doen bij de minister. Dat zij dat heeft nagelaten moet in dit geval voor haar eigen rekening komen.
9.2.
In dit geval is geen sprake van het aanbrengen van vloerisolatie in de bestaande thermische schil van de woning van eiseres. Dit betekent dat de minister de subsidieaanvraag voor vloerisolatie terecht heeft afgewezen. Vaststaat immers dat de vloer waarin de isolatie is aangebracht niet grenst aan de buitenlucht of een onverwarmde ruimte. Daarmee is niet voldaan aan de voorwaarde van artikel 5, onder d, van de SVOH.
9.3.
Het is begrijpelijk dat eiseres het wooncomfort van haar huurders wil verbeteren maar dat betekent niet dat de minister subsidie kan verlenen als een maatregel niet voldoet aan de voorwaarden. Daarbij overweegt de rechtbank dat het een bestuursorgaan in beginsel vrij staat om in een subsidieregeling voorwaarden op te nemen juist omdat het verstrekken van subsidie de inzet van schaarse publieke middelen betreft. Een bestuursorgaan mag daarbij beleidsmatige keuzes maken en voorwaarden stellen. Die voorwaarden moeten dan wel voldoende duidelijk in de regeling zijn ogenomen. Dat is hier het geval. Deze beroepsgrond slaagt niet.

Conclusie en gevolgen

10. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiseres geen gelijk krijgt. Het bestreden besluit blijft in stand. De minister hoeft niet alsnog subsidie te verstrekken voor de vloerisolatie. Eiseres krijgt het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. F.A. van de Ven, rechter, in aanwezigheid van
N.I.W. Smeets, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 10 december 2025 .
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: 10 december 2025

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Bijlage

Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH)
zoals geldend vanaf 1 januari 2025
Artikel 14a. Overgangsrecht
1. Een subsidieaanvraag die mogelijk is geworden vanaf het moment van inwerkingtreding van de Regeling van de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van 1 februari 2023, nr. 2022-0000535845, tot wijziging van de Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH) in verband met het verruimen van de doelgroep, het toegankelijker maken van maatregelen voor monumentale huurwoningen, en het vervallen van de twee maatregeleneis komt slechts voor subsidie in aanmerking als de maatregel wordt uitgevoerd na 31 maart 2023.
2. De Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH) zoals die gold direct voorafgaand aan het moment van inwerkingtreding van de Regeling van de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van 1 februari 2023, nr. 2022-0000535845, tot wijziging van de Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH) in verband met het verruimen van de doelgroep, het toegankelijker maken van maatregelen voor monumentale huurwoningen, en het vervallen van de twee maatregeleneis blijft van toepassing voor verhuurders die voor 1 april 2023:
a. een subsidieaanvraag hebben ingediend; of
aangevangen zijn met de uitvoering van maatregelen en een subsidieaanvraag hebben ingediend voor 1 april 2025.
[…]
Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH)
zoals geldend vanaf 1 april 2022 tot 31 maart 2023
Artikel 5. Energiebesparende maatregelen
Energiebesparende maatregelen zijn het door een branchegerelateerd bedrijf laten:
a. isoleren van spouwmuren in de bestaande thermische schil met isolatiemateriaal met een minimale Rd-waarde van 1,1 [m2K/W] voor minimaal 10 m2 per woning;
isoleren van de binnen- of buitengevel in de bestaande thermische schil met isolatiemateriaal met een minimale Rd-waarde van 3,5 [m2K/W] voor minimaal 10 m2 per woning;
isoleren van het dak in de bestaande thermische schil met isolatiemateriaal of isoleren van de zolder- of vlieringvloer in de bestaande thermische schil, indien de zolder of vliering onverwarmd is, met isolatiemateriaal met een minimale Rd-waarde van 3,5 [m2K/W] voor minimaal 20 m2;
isoleren van de vloer of bodem in de bestaande thermische schil met isolatiemateriaal met een minimale Rd-waarde van 3,5 [m2K/W] voor minimaal 20 m2;
vervangen van glas of deuren in de bestaande thermische schil voor tenminste 8 m2 door:
1 HR++ glas of nieuwe isolerende deuren met een Ud-waarde van ten hoogste 1,5 W/m2K; of
2° triple-glas, in combinatie met een nieuw isolerend kozijn met een Uf-waarde van ten hoogste 1,5 W/m2K, eventueel in combinatie met nieuwe isolerende deuren met een Ud-waarde van ten hoogste 1,0 W/m2K; en
voor de eerste keer aanleggen van een systeem voor CO₂-gestuurde ventilatie of het voor de eerste keer aanleggen van een systeem voor balansventilatie met warmteterugwinning met een rendement van ten minste 90%

Voetnoten

1.Dit volgt uit artikel 14a, lid 1 en 2, van de SVOH (geldend vanaf 1 januari 2025).
2.Zoals opgenomen in artikel 5, onder d, van de SVOH
3.College van beroep voor het bedrijfsleven van 10 januari 2024, ECLI:NL:CBB:2024:37 en 2 juli 2024, EECLI:NL:CBB:2024:434.