ECLI:NL:RBLIM:2025:10162
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling wegens niet-reageren gemachtigde in civiele procedure
In deze civiele procedure voor de rechtbank Limburg, locatie Maastricht, stond een geschil tussen eiseres in conventie en gedaagde in conventie centraal. De procedure omvatte een tussenvonnis van 16 juli 2025 waarin de gemachtigde B. Visser werd verzocht te reageren op een voornemen om hem te veroordelen tot betaling van proceskosten.
B. Visser heeft niet gereageerd op dit voornemen, ondanks dat een akte was ingediend door een andere gemachtigde van Juristu Incasso Juristen B.V. De kantonrechter oordeelde dat B. Visser wel degelijk als gemachtigde was gesteld en zag geen reden om af te wijken van het voornemen tot veroordeling.
De kantonrechter veroordeelde B. Visser tot betaling van de proceskosten aan de zijde van de wederpartij, begroot op € 678,00, en tot betaling van de wettelijke rente over deze kosten indien niet binnen veertien dagen betaald. Er werd geen afzonderlijke beslissing genomen over nakosten, aangezien de kostenveroordeling een executoriale titel vormt voor deze nakosten.
Het vonnis werd op 15 oktober 2025 in het openbaar uitgesproken door de kantonrechter.
Uitkomst: De gemachtigde B. Visser wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten en wettelijke rente wegens het niet reageren op het voornemen tot kostenveroordeling.