Uitspraak
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 16 mei 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
2.De feiten
.”
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Limburg
Eiseres en gedaagde hadden een affectieve relatie die in maart 2024 werd verbroken. Na de breuk hield gedaagde zich herhaaldelijk op rondom de woning en werkplek van eiseres en hinderde haar in het verkeer. Eiseres en haar minderjarige kinderen voelden zich hierdoor onveilig. Ter onderbouwing bracht eiseres videobeelden, foto’s en whatsappberichten in, waaruit bleek dat gedaagde onder meer haar banden lekstak en haar mishandelde.
Gedaagde erkende zijn gedrag en gaf aan uit emotie te hebben gehandeld en spijt te hebben. Hij beloofde eiseres voortaan met rust te laten, maar de rechtbank achtte dit onvoldoende om het gevorderde verbod af te wijzen. De rechtbank oordeelde dat het straat- en contactverbod een proportionele maatregel is gezien de ernst van de feiten en de dreiging van herhaling.
De verboden werden afgebakend met straatnamen om de bewegingsvrijheid van gedaagde niet onnodig te beperken. De verboden gelden voor de duur van twaalf maanden en zijn gekoppeld aan een dwangsom van €500 per overtreding, met een maximum van €10.000. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij de eigen kosten draagt.
Uitkomst: De rechtbank wijst het contact- en straatverbod toe voor twaalf maanden met een dwangsom bij overtreding.