Celestial Estate heeft conservatoir beslag gelegd op een onroerende zaak van Intrada Group Nederland wegens een niet-betaalde vergoeding van €100.000 uit een borgstellingsovereenkomst. Intrada Group Nederland vorderde opheffing van het beslag omdat Celestial Estate niet tijdig een bodemprocedure was gestart en omdat het beslag haar financieringsmogelijkheden belemmert.
De voorzieningenrechter oordeelde dat Celestial Estate wel tijdig een bodemprocedure had ingesteld en dat Intrada Group Nederland onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij een opschortingsrecht kon inroepen. Het belang van Celestial Estate bij handhaving van het beslag, ter zekerheid van de vordering, weegt zwaarder dan het belang van Intrada Group Nederland bij opheffing, dat vooral bestaat uit het verkrijgen van een goedkopere lening.
De rechtbank wees de vorderingen van Intrada Group Nederland af en veroordeelde haar in de proceskosten van €1.795. De beslissing bevestigt dat conservatoir beslag blijft bestaan zolang geen vervangende zekerheid is gesteld.