Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 augustus 2023 in de zaak tussen
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Meerssen
Procesverloop
Overwegingen
- a) het dakschild van het pand zodanig te (laten) repareren dat er sprake is van een waterdicht en winddicht dak;
- b) de losliggende dakpannen te (doen) verwijderen en vervangen of indien mogelijk weer op hun oorspronkelijke plaats te (laten) bevestigen;
- c) de verkeersroutes in het pand vrij te (laten) maken ten te houden van obstakels;
- d) de hoeveelheid opgeslagen goederen in de overige ruimten zodanig te verminderen dat de vloeren van de verdieping en de zolder niet meer onder spanning staan, de mogelijkheden tot ontvluchting bij brandgevaar worden hersteld en de vuurbelasting in het pand drastisch wordt verminderd;
- e) het pand te (laten) reinigen en te laten ontsmetten vanwege de ter plaatse geconstateerde dierenuitwerpselen.
- f) de grote scheuren bij het raam in de achtergevel van het pand te (laten) repareren;
- g) de losse stenen in de achtergevel van het pand te (laten) verwijderen en vervangen dan wel vast te (laten) zetten;
- h) de afwerking van de gevels aan te (laten) pakken om het indringen van regenwater te voorkomen;
- i) de dakranden / dakgoten te (doen) verwijderen en vervangen door nieuwe dakranden / dakgoten;
- j) alle buitenkozijnen van de ramen in de gevels van het pand te (laten) vervangen door nieuwe houten buitenkozijnen met dezelfde raamindeling en kleurstelling.
De last ten aanzien van het vervangen van de dakranden / dakgoten
Beslissing
- verklaart het beroep tegen het bestreden besluit (de last onder bestuursdwang) gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit voor zover dat ziet op de lasten a, b en d en draagt verweerder op in zoverre een nieuw besluit op het bezwaar te nemen met in achtneming van deze uitspraak;
- verklaart het beroep tegen de kostenverhaalsbeschikking gegrond;
- vernietigt de kostenverhaalsbeschikking en voorziet zelf in de zaak door het bedrag van het kostenverhaal vast te stellen op € 7.566,34, en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde kostenverhaalsbeschikking;
- bepaalt dat verweerder aan eiser het door hem betaalde griffierecht, van € 181,- vergoedt;
- veroordeelt verweerder in de door eiser gemaakte proceskosten tot een bedrag van € 1.674,-.