Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
naar de rechtbank begrijpt: plaats delict) waar eerder die nacht ook brand was gesticht. Dit was op de [adres 4] te Horn.
naar de rechtbank begrijpt: verhuurder) van het pand [adres 7] nummer [X] te Horn. Ik beschik en beheer tevens over alle beveiligingscamera’s in en rondom het pand. Ik heb een ‘Nest camera’ om te zien wie er allemaal het pand in- en/of uitgaan. Op 1 februari 2021 is er in de nacht één (1) persoon om 01:51 uur naar binnengegaan. Ik identificeer hem als [verdachte] . Ik ken hem omdat [verdachte] bij mij een huurcontract heeft tot 31 maart 2021.
naar de rechtbank begrijpt: afbeelding 4) zag ik dat persoon 2 in beeld komt.
naar de rechtbank begrijpt: verhuurder) van het pand [adres 7] nummer [X] te Horn. Ik beschik en beheer tevens over alle beveiligingscamera’s in en rondom het pand. Ik heb een ‘Nest camera’ om te zien wie er allemaal het pand in- en/of uitgaan. Op 19 januari 2021 om 04:13 uur zie ik dat [verdachte] (eerste persoon in beeld) en [medeverdachte] binnenkomen.
naar de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte]). Het telefoonnummer [telefoonnummer 2] komt voor in de in- en uitgaande oproepen en de chats in Whatsapp. De gebruikersnaam ‘ [gebruikersnaam] ’ staat hierbij genoemd. Dit telefoonnummer is in gebruik bij de verdachte [verdachte] . Wij zagen dat er op 18 en 19 januari 2021 WhatsApp-gesprekken hebben plaatsgevonden tussen de telefoon van [verdachte] en [medeverdachte] bovengenoemd.
naar de rechtbank begrijpt: afbeelding 1 en 2) persoon 2.
naar de rechtbank begrijpt: afbeelding 3 en 4) zag ik dat bovengenoemde personen het pand om 05:17 uur weer binnenkwamen. Ik zag dat ze beide dezelfde kleding aanhadden als het moment waarop ze waren vertrokken.
naar de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte]). Het telefoonnummer [telefoonnummer 2] komt voor in de in- en uitgaande oproepen en de chats in Whatsapp. De gebruikersnaam ‘ [gebruikersnaam] ’ staat hierbij genoemd. Dit telefoonnummer is in gebruik bij de verdachte [verdachte] . Wij zagen dat er op 4 januari 2021 WhatsApp-gesprekken hebben plaatsgevonden tussen de telefoon van [verdachte] en [medeverdachte] bovengenoemd.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf en/of de maatregel
7.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3 .4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte tot een
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van een
- stelt de volgende bijzondere voorwaarden, waaraan de veroordeelde gedurende de proeftijd heeft te voldoen:
- geeft aan SVG Reclassering Vincent van Gogh de opdracht als bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;
- voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd:
- wijst toede vordering van de benadeelde partij
[aangever 5]en veroordeelt verdachte om tegen bewijs van betaling ten behoeve van voornoemde benadeelde partij te betalen een bedrag van
€ 19.696,02, bestaande uit materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag te rekenen vanaf 4 januari 2021 tot de dag der algehele voldoening; - veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging daaronder begrepen, tot heden begroot op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling
- bepaalt dat, indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt,
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;
- wijst toede vordering van de benadeelde partij
[benadeelde 2]en veroordeelt verdachte om tegen bewijs van betaling ten behoeve van voornoemde benadeelde partij te betalen een bedrag van
€ 19.696,02, bestaande uit materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag te rekenen vanaf 4 januari 2021 tot de dag der algehele voldoening; - veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging daaronder begrepen, tot heden begroot op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling
- bepaalt dat, indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt,
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;
- wijst de vordering van de benadeelde partij
- veroordeelt de benadeelde partij in de kosten, door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot tot heden op nihil;
- wijst af de vordering van de benadeelde partij
- verklaart de benadeelde partij
- veroordeelt de benadeelde partij in de kosten, door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot tot heden op nihil;
- verklaart de benadeelde partij
- veroordeelt de benadeelde partij in de kosten, door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot tot heden op nihil;