ECLI:NL:RBLIM:2022:9586
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering minister om te beslissen over studiefinanciering voor specifieke periodes
Eiseres stelde beroep in tegen het uitblijven van een beslissing van de minister over haar aanvraag studiefinanciering voor een reisvoorziening in juni 2021 en een lening voor november en december 2021. De minister stelde dat voor deze periodes geen aanvraag was ingediend en daarom geen besluit hoefde te worden genomen.
De rechtbank onderscheidt tussen het niet tijdig nemen van een besluit en de weigering om te beslissen, waarbij hier sprake is van het laatste. Partijen stemden in met het overslaan van de bezwaarfase. Uit de stukken blijkt dat eiseres aanvragen heeft ingediend voor een reisvoorziening vanaf juli 2021 en een lening tot en met oktober 2021, maar niet voor de betwiste periodes.
De rechtbank concludeert dat de minister geen besluit hoefde te nemen over de niet aangevraagde periodes en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond omdat geen aanvraag is gedaan voor de betwiste studiefinancieringsperiodes.