Uitspraak
RECHTBANK limburg
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 18 november 2022 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerlen, verweerder
alsmede de Staat der Nederlanden (Staat).
[belanghebbende], te [woonplaats]
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
een op de grond staand bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan in achtererfgebied” en wordt voldaan aan de in dat artikel genoemde voorwaarden.
erf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant en van daaruit evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied, zonder het hoofdgebouw opnieuw te doorkruisen of in het erf achter het hoofdgebouw te komen”. De definitie van erf luidt: “
al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, en, voor zover een bestemmingsplan of een beheersverordening van toepassing is, deze die inrichting niet verbieden”.
evenwijdig (…) met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied”) ligt het bijgebouw vrijwel geheel in het achtererfgebied en slechts voor een klein deel (minder dan 0,5 m2) niet in het achtererfgebied. In de afbeelding in de bijlage bij deze uitspraak is de ligging van het bijgebouw ten opzichte van het achtererfgebied weergegeven.
een besloten ruimte ligt in een brandcompartiment”. Ingevolge het zevende lid is dit eerste lid niet van toepassing op een bouwwerk met een gebruiksoppervlakte van niet meer dan 50 m2. Deze uitzondering geldt niet indien het bouwwerk aan een of meer andere bouwwerken grenst en de gezamenlijke gebruiksoppervlakte groter is dan 50 m2.
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op