Uitspraak
RECHTBANK limburg
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 18 januari 2022 in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerlen, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
- de woning dient geheel gelijkvloers te zijn;
- de woning dient volledig rolstoel toe- en doorgankelijk te zijn;
- een stallingsmogelijkheid voor een rolstoel/ scootmobiel is noodzakelijk;
- de douche dient voorzien te zijn van een douchevloer op afschot c.q. een douche met een verlaagde instap (max. 4 cm);
- verder dient de woning geheel functioneel te zijn in die zin dat normaal gebruik kan worden gemaakt van de woning.
- teneinde het probleem van de toegankelijkheid van de woning op te lossen: het verstrekken van voorzieningen welke het hoogteverschil compenseren;
- een voorziening voor het openen en sluiten van deuren;
- het realiseren van een doorgang aan de zijkant van de woning welke breed genoeg is om veilig met de rolstoel te gebruiken;
- het aanpassen van de bestaande douche met hoge instap naar een inloopdouche met douchestoel;
- het verstrekken van een aircosysteem;
- het voorzien van de woning van elektrische rolluiken.
voor de betrokken partijentot stand gebrachte rechtsgevolgen. Verweerder is echter geen partij bij het besluit tot toekenning van een verhuiskostenvergoeding en is er daarom niet aan gebonden. Met verweerder is de rechtbank van oordeel dat er zich geen feiten of omstandigheden voordoen die maken dat eiseres er in dit geval toch op mocht vertrouwen dat ook verweerder tot uitgangspunt neemt dat de woning van eiseres ten tijde van de verhuizing adequaat was.
De aangeboren afwijking op zich neemt niet in ernst toe, maar de uitingen hiervan wel. Een opeenstapeling van (sub)luxaties, microtrauma’s of vroegtijdige artrose en andere bijkomende diagnoses kunnen de algehele toestand van een patiënt wel steeds verder verslechteren. Dit betekent ook dat de klachten mogelijk uitbreiden en of verergeren terwijl een patiënt ouder wordt (Ehlers Danlos, 2018)”.De rechtbank is daarom met verweerder van oordeel dat voorzienbaar was dat de klachten zouden toenemen, reden waarom reeds ten tijde van de verhuizing alleen een rolstoel toe- en doorgankelijke woning, met een douche met verlaagde instap, als passend kon worden beschouwd. Daarbij neemt de rechtbank mede in beschouwing dat ook de gemeente Sittard-Geleen destijds van oordeel was dat de woning aan onder meer die eisen moest voldoen. Dat het negatieve verloop van de aandoening wellicht veel sneller heeft plaatsgevonden dan door eiseres was ingecalculeerd en dat de aandoening mogelijk een veel ernstiger verloop had dan het “normale” verloop, zoals eiseres stelt, is buitengewoon schrijnend te noemen, doch leidt dit niet tot een ander oordeel. De woning waar eiseres thans naar toe is verhuisd is wellicht geschikter dan de woning waarin zij eerder woonde, doch dat maakt nog niet dat de huidige woning moet worden aangemerkt als de op dat moment voor haar beperkingen meest geschikte woning in de zin van artikel 5, tweede lid, aanhef en onder e, van de Verordening.
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 18 januari 2022.