Uitspraak
4.Het juridisch kader
12.Het beroep is ongegrond.
13.Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 28 april 2022
Rechtbank Limburg
Eiser had toestemming om als beveiliger te werken, welke door verweerder werd ingetrokken vanwege een serieuze bedenking omtrent zijn betrouwbaarheid. Deze twijfel ontstond door zijn betrokkenheid bij het toestaan en verzorgen van hennepplantages in de garage van zijn woning.
Eiser voerde aan onder dwang te hebben gehandeld en dat hij zich had gedistantieerd door aangifte te doen. De rechtbank oordeelde echter dat onvoldoende concreet bewijs bestond voor dwang en dat eiser uit eigen beweging toestemming had gegeven, mede om financiële redenen.
De rechtbank stelde vast dat voor beveiligers hogere betrouwbaarheidseisen gelden en dat het algemeen belang zwaarder weegt dan persoonlijke belangen van eiser. De intrekking van de toestemming werd daarom als proportioneel en rechtmatig beschouwd.
Het beroep werd ongegrond verklaard en eiser werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De intrekking van de toestemming om als beveiliger te werken wordt bevestigd wegens onvoldoende betrouwbaarheid door betrokkenheid bij hennepplantages.