Uitspraak
RECHTBANK limburg
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 4 april 2016 in de zaak tussen
[eiser], te [woonplaats], eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 4 april 2016.
Rechtbank Limburg
Eiser, geboren in 1989, vroeg in augustus 2014 een Wajong-uitkering aan vanwege nefropathie en nierinsufficiëntie. De eerste arbeidsongeschiktheidsdatum werd arbitrair vastgesteld op 1 april 2014. Na het verstrijken van de wettelijke wachttijd van 52 weken, op 31 maart 2015, is de nieuwe Wajong van toepassing. Medisch onderzoek wees uit dat eiser tijdelijk geen benutbare arbeidsparticipatiemogelijkheden heeft, maar op termijn wel herstel mogelijk is, onder meer door een reële kans op een niertransplantatie.
Verweerder beëindigde daarom de Wajong-uitkering per 1 mei 2015 en verklaarde het bezwaar ongegrond. Eiser betwistte de medische rapportages en stelde dat het verzekeringsgeneeskundig protocol Chronische Nierschade niet was toegepast en dat geen arbeidskundig onderzoek had plaatsgevonden. De rechtbank oordeelde echter dat de medische rapportages zorgvuldig en volledig waren en dat het niet aan de artsen was om alle protocolpunten expliciet te benoemen.
De rechtbank benadrukte dat het beoordelingskader voor arbeidsvermogen in de Wajong verschilt van dat in de Wet WIA en dat de artsen voldoende gemotiveerd hadden dat op termijn arbeidsparticipatie mogelijk is. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de beëindiging van zijn Wajong-uitkering wordt ongegrond verklaard.