Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
d.
22 mei 2015
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
pagina 721) speelt -gelet op al hetgeen hiervoor is overwogen- immers geen enkele relevante (bewijs)rol voor de rechtbank, zodat het belang om deze getuige te horen niet gebleken is.
met het blote oogte zien was dat het document vals was, om reden dat het valse document op gewoon papier was gedrukt. Dat laatste leest de rechtbank ook niet terug in voornoemd proces-verbaal van de forensisch deskundige. Het kan evenmin geconcludeerd worden uit de verklaring van [naam], inhoudende dat een clubeigenaar met de naam [naam] in Duitsland de vervalsing wél doorhad, nu zij in dat zelfde deel van haar verklaring opmerkt dat de politie in Duitsland tijdens een controle bij diezelfde club het document goed had gevonden.
4.De strafbaarheid
5.De beslissing
- spreekt de verdachte vrij van het onder feit 1 tenlastegelegde feit;
- wijst af het verzoek van de raadsman om de anonieme briefschrijver als getuige te horen;
- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezen verklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart verdachte niet strafbaar en ontslaat hem van alle rechtsvervolging.