ECLI:NL:RBLIM:2014:9099
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.M. Schutte
- J.H. Klifman
- J.A.A.C. Claessen
- Rechtspraak.nl
Beëindiging ISD-maatregel wegens ontbreken behandelplan en onduidelijke behandelprognose
De rechtbank Limburg heeft op 24 oktober 2014 een beschikking gegeven in de zaak tegen verdachte, waarbij eerder op 25 oktober 2013 een ISD-maatregel van twee jaar was opgelegd. Volgens artikel 38s Sr moest na negen maanden een beoordeling plaatsvinden over de voortzetting van de maatregel.
Tijdens de procedure werd vastgesteld dat elf maanden na het onherroepelijk worden van het vonnis nog steeds geen concreet behandelplan voor verdachte aanwezig was. Uit rapportages bleek dat verdachte lijdt aan ernstige persoonlijkheidsproblematiek en een licht verstandelijke beperking, waarvoor een langdurige gespecialiseerde behandeling noodzakelijk is. De wachttijden voor de juiste behandelsetting zijn echter onduidelijk en kunnen lang zijn.
De rechtbank concludeerde dat ondanks het hoge recidiverisico en het belang van maatschappelijke beveiliging, het ontbreken van een adequaat behandelplan en de onmogelijkheid om binnen de resterende termijn van de maatregel een zinvolle behandeling te bieden, tot beëindiging van de ISD-maatregel moet leiden. Dit oordeel is gebaseerd op het beslissingskader van het Gerechtshof Arnhem (ECLI:NL:GHARN:2010:BN2490).
De rechtbank achtte het niet verwijtbaar aan verdachte dat de behandeling niet tot stand kwam en vond dat voortzetting van de maatregel zonder adequate behandeling niet aangewezen is. Daarom werd de tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel met onmiddellijke ingang beëindigd.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de ISD-maatregel wegens het ontbreken van een behandelplan en onduidelijke behandelprognose binnen de resterende termijn.