ECLI:NL:RBLEE:2011:BU5343
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Navorderingsaanslagen en vergrijpboeten privégebruik auto en vergoeding opstartfase
De zaak betreft drie navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen voor de jaren 2003, 2004 en 2005, met betrekking tot de bijtelling privégebruik auto en een vergoeding opstartfase. De inspecteur legde navorderingsaanslagen en vergrijpboeten op, welke eiser betwistte. De rechtbank stelde vast dat eiser de auto's juridisch op zijn naam had, maar dat de werkgever economisch eigenaar was en alle kosten droeg, waardoor sprake was van ter beschikking gestelde auto's. De bijtelling werd berekend conform de cataloguswaarden en het privégebruik.
Eiser voerde aan dat de navorderingsaanslagen onterecht waren en dat de bezwaarprocedure te lang had geduurd. De rechtbank oordeelde dat de beroepschriften tijdig waren ingediend en dat de navorderingsaanslagen voor 2004 en 2005 terecht waren opgelegd. De aanslag 2003 werd verminderd vanwege interne compensatie. De rechtbank stelde vast dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij minder dan 500 km privé had gereden.
Ten aanzien van de vergrijpboeten stelde de rechtbank vast dat eiser, gelet op zijn fiscale kennis en positie, grove schuld had door onvoldoende zorgvuldigheid omtrent de fiscale regels en administratie. De boeten van 25% werden passend en geboden geacht. De rechtbank verwierp de grief over de duur van de bezwaarprocedure en de vermeende schending van de procespositie. De uitspraak op bezwaar voor 2003 werd vernietigd en vervangen door een vermindering van de aanslag en heffingsrente. De beroepen voor 2004 en 2005 werden ongegrond verklaard.
Uitkomst: Navorderingsaanslag 2003 verminderd, navorderingsaanslagen 2004 en 2005 en vergrijpboeten bevestigd.