ECLI:NL:RBLEE:2008:BF2238
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing erfdienstbaarheid na belangenafweging met schadevergoeding aan eigenaar heersend erf
In deze zaak gaat het om een geschil tussen buren over een erfdienstbaarheid die het recht van overpad regelt. De eigenaar van het dienend erf, [b], heeft het pad geblokkeerd met houtblokken, waardoor de eigenaar van het heersend erf, [a], het recht van overpad niet kan uitoefenen. [a] vordert dat de blokkade wordt opgeheven, terwijl [b] verzoekt om opheffing van de erfdienstbaarheid vanwege het ontbreken van een redelijk belang bij [a].
De rechtbank stelt vast dat [a] sinds 2003 eigenaar is van het heersend erf en dat hij inmiddels een eigen uitgang naar de openbare weg heeft, al is deze minder geschikt voor rolstoelgebruik en vervoer van vuilcontainers. De rechtbank weegt het minimale gebruiksbelang van [a] tegen het privacybelang van [b], wiens woonkamer direct aan het pad grenst.
De rechtbank oordeelt dat [a] geen redelijk belang meer heeft bij het handhaven van de erfdienstbaarheid, mits het pad op zijn eigen erf wordt aangepast zodat het rolstoeltoegankelijk wordt. De kosten hiervan moeten door [b] worden vergoed. Partijen krijgen de gelegenheid zich uit te laten over de hoogte van de schadeloosstelling. De rechtbank verwijst de zaak naar een rolzitting voor verdere afhandeling.
Uitkomst: De erfdienstbaarheid wordt opgeheven omdat de eigenaar van het heersend erf geen redelijk belang meer heeft, mits het pad op eigen erf wordt aangepast en de kosten door de eigenaar van het dienend erf worden vergoed.