ECLI:NL:RBLEE:2001:AE2302
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit OV-studentenkaart wegens onjuiste toekenning en gebrekkige motivering
Eiseres had recht op studiefinanciering en een OV-studentenkaart tijdens haar voltijdstudie. Na inschrijving als extraneus per 1 september 1999 werd haar recht op studiefinanciering en OV-kaart beëindigd. Desondanks haalde zij een nieuwe OV-kaart af, waarna verweerster haar een schuld van ƒ 2100,- oplegde wegens onterecht kaartbezit.
Eiseres stelde dat zij door een medewerker van verweerster was geïnformeerd dat zij als extraneus recht had op een OV-kaart, waarop zij vertrouwde. Verweerster ontkende dit en stelde dat eiseres niet aan de voorwaarden voldeed. De rechtbank oordeelde dat verweerster onvoldoende onderzoek had gedaan naar de door eiseres aangevoerde feiten en dat het besluit daarom een deugdelijke motivering ontbeerde.
De rechtbank vernietigde het besluit, verklaarde het beroep gegrond, maar hield de rechtsgevolgen van het besluit in stand op grond van artikel 8:72, derde lid, Awb. Tevens werd verweerster veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.