ECLI:NL:RBLEE:2001:AB0786
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- O. Anjewierden
- L.A.D. Lindenbergh
- M.R. Gans
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor schuldheling van door verduistering verkregen geld en goederen
De rechtbank Leeuwarden behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van schuldheling van geld en goederen die door verduistering waren verkregen. De verdachte werd vrijgesproken van het primair ten laste gelegde feit wegens onvoldoende bewijs.
Uit de bewijsvoering blijkt dat verdachte, ondanks een gedaald gezinsinkomen en vaste lasten, toch betalingen deed met geld en goederen afkomstig van de Stichting Dorpsakkomodatie Hempens-Teerns, waarvan zijn vrouw penningmeester was. De rechtbank oordeelde dat verdachte redelijkerwijs moest vermoeden dat het geld en de goederen door misdrijf waren verkregen.
De bewezenverklaring betreft schuldheling van geld en diverse goederen, waaronder kleding, levensmiddelen en elektronica, in de periode van januari 1995 tot juli 1998. Verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van twee maanden, waarvan de uitvoering werd opgeschort onder een proeftijd van twee jaar.
De rechtbank hield rekening met de ernst van de feiten, de omstandigheden, en de persoonlijke situatie van verdachte bij het bepalen van de straf. Verdachte werd vrijgesproken van overige ten laste gelegde feiten die niet bewezen konden worden.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden voor schuldheling.