ECLI:NL:RBHAA:2012:BY1646
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.A. Otter
- C.A.M. van de Rest-van der Heijden
- P.G. de Geus
- Rechtspraak.nl
Verdeling van gemeenschap en verrekening erfenissen bij echtscheiding onder uitsluitingsclausule
Partijen zijn in 1998 gehuwd onder huwelijkse voorwaarden met uitsluiting van gemeenschap van goederen. De vrouw ontving tijdens het huwelijk aanzienlijke erfenissen die zij onder uitsluitingsclausule hield. De echtelijke woning is gemeenschappelijk eigendom en zal worden verkocht, waarbij de opbrengst en verkoopkosten gelijk worden verdeeld.
De VOF van partijen is beëindigd en de man moet aan de vrouw € 16.353 betalen, maar pas na verkoop van de woning. De vrouw vordert vergoeding van de erfenissen die zij op gezamenlijke rekeningen heeft gestort, terwijl de man stelt dat deze zijn vermengd met gemeenschappelijk vermogen en dat zij een natuurlijke verbintenis heeft voldaan door gezamenlijke bestedingen.
De rechtbank oordeelt dat de vrouw alleen aanspraak kan maken op het deel van de erfenis dat niet is besteed aan de gemeenschappelijke huishouding en stelt de peildatum van de verrekening op 31 december 2009, het einde van de verrekenplicht. De man moet aan de vrouw € 96.652,11 betalen. Verzoeken tot verrekening van rente op aparte rekeningen worden afgewezen op grond van artikel 1:133 lid 2 BW Pro.
Uitkomst: De man moet de vrouw € 16.353 betalen na verkoop van de woning en € 96.652,11 voor de verrekening van erfenissen en bankrekeningen.