ECLI:NL:RBHAA:2012:BW8596
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over niet-aantoonbare participatieovereenkomst bij aankoop en verkoop van terrein
Eiseres, een vennootschap, betwist de aanslag vennootschapsbelasting 2005 en de daarbij opgelegde heffingsrente door de Belastingdienst. Centraal staat de vraag of betalingen aan bepaalde personen als aftrekbare kosten kunnen worden beschouwd op grond van een participatieovereenkomst met betrekking tot de aankoop van een terrein en een daarop te realiseren project.
De rechtbank stelt vast dat geen schriftelijke participatieovereenkomst is overgelegd en dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat er mondelinge afspraken waren over winstverdeling, risicoverdeling of inbreng van genoemde participanten. De stortingen van de betrokken personen zijn niet consistent met de gestelde participatie en vonden deels plaats nadat het terrein al was verkocht.
Ook het aangeboden getuigenbewijs van een notaris wordt verworpen omdat deze niet betrokken was bij de participatieovereenkomst en geen schriftelijke stukken heeft opgesteld. De rechtbank concludeert dat de betalingen niet als aftrekposten kunnen worden erkend en verklaart het beroep ongegrond. Het beroep tegen de heffingsrente wordt eveneens afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de belastingaanslag 2005 en heffingsrente wordt ongegrond verklaard wegens het niet aannemelijk maken van een participatieovereenkomst.