ECLI:NL:RBHAA:2012:BV9537
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening
- H.T. van der Meer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot aanhouding procedures Sturgeon-klachten tegen Staat
De luchtvaartmaatschappijen vorderden dat de Staat alle procedures omtrent Sturgeon-klachten zou aanhouden totdat de bestuursrechter in proefprocedures uitspraak had gedaan over het principiële verschil van inzicht over de toepassing van het Sturgeon-arrest. Zij stelden dat er een afspraak was gemaakt om alle klachten aan te houden en dat de Staatssecretaris dit ook zou hebben toegezegd.
De Staat voerde verweer en stelde dat alleen het sanctietraject was opgeschort, niet de klachtenafhandeling. De rechtbank oordeelde dat uit het Handhavingskader en de afspraken bij beleidsregels niet blijkt dat klachtenafhandeling is aangehouden. Ook de toezegging tijdens de zitting van 25 oktober 2011 betrof slechts de handhavingszaken, niet de klachtenafhandeling.
De rechtbank overwoog dat het Sturgeon-arrest geldend recht is en dat ILT verplicht is klachten te behandelen. De tussenbeslissing van de rechtbank Haarlem tot aanhouding van de proefprocedure verplicht ILT niet tot aanhouding van alle Sturgeon-klachten. De vordering tot aanhouding van klachten en tot informeren van passagiers wordt daarom afgewezen. De luchtvaartmaatschappijen worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot aanhouding van Sturgeon-klachten af en veroordeelt de luchtvaartmaatschappijen in de proceskosten.