ECLI:NL:RBHAA:2011:BR1488
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.J. van Brussel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging loondoorbetalingsverplichting wegens ontbreken reële re-integratiemogelijkheden werknemer
De zaak betreft een geschil tussen Transportbedrijf G. Vlug en Zoon B.V. en het UWV over de verlenging van de loondoorbetalingsverplichting na ziekte van een werknemer. Het UWV had de loondoorbetalingsverplichting met 52 weken verlengd omdat de werkgever onvoldoende re-integratie-inspanningen zou hebben verricht.
De werkgever betoogde dat de werknemer vanaf het begin van zijn ziekte al beperkingen had waardoor re-integratie niet mogelijk was en dat daarom geen verlenging van de loondoorbetalingsverplichting terecht was opgelegd. De rechtbank oordeelde dat hoewel de werkgever in het eerste ziektejaar tekort was geschoten in haar inspanningsplicht, het UWV ten onrechte geen rekening had gehouden met latere medische rapportages en verslagen waaruit bleek dat de werknemer geen reële re-integratiemogelijkheden meer had.
Omdat het doel van de loondoorbetalingsverplichting is om de werkgever in staat te stellen tekortkomingen te herstellen en dit niet mogelijk was, werd het besluit vernietigd. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het hoger beroep staat open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het besluit van het UWV tot verlenging van de loondoorbetalingsverplichting is vernietigd omdat de werknemer geen reële re-integratiemogelijkheden meer had.