ECLI:NL:RBHAA:2011:BP6028
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- I.M. Ludwig
- J.M. Janse van Mantgem
- L. Beijen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verkeersbesluit openstelling busbrug De Binding in Zaanstad
Het geschil betreft het verkeersbesluit van 18 maart 2010 van het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad, waarbij de geslotenverklaring van de busbrug De Binding voor motorvoertuigen tijdens spitsuren werd ingetrokken en de brug beperkt werd opengesteld voor motorvoertuigen, met uitzondering van vrachtverkeer en tijdens bepaalde uren op doordeweekse dagen.
Eisers maakten bezwaar tegen dit besluit, stellende dat het leidt tot een onaanvaardbare toename van sluipverkeer, geluidsoverlast, en aantasting van het woon- en leefklimaat in de aangrenzende wijken Westerkoog en Westerwatering. De rechtbank oordeelde dat verweerder een ruime beoordelingsmarge heeft bij het afwegen van belangen en dat het verkeerskundig onderzoek voldoende zorgvuldig was. Het aandeel sluipverkeer werd als beperkt beoordeeld.
De rechtbank stelde vast dat het verkeersbesluit rechtmatig is genomen met het oog op bereikbaarheid, verkeersveiligheid, beperking van autokilometers en calamiteiten. Het belang van eisers bij het gesloten houden van de brug weegt minder zwaar dan het belang van bereikbaarheid. Het beroep van een eiser werd niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van griffierecht. De beroepen van de overige eisers en Stichting Rondom De Binding werden ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van één eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van griffierecht; de beroepen van overige eisers en Stichting Rondom De Binding worden ongegrond verklaard.