ECLI:NL:RBHAA:2010:BO0550
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.S. Röell
- C.S. Naarden-Goedel
- J.E. van Praag
- Rechtspraak.nl
Benoeming deskundige voor onderzoek naar handelwijze Stichting Toezicht Effectenverkeer in 1996
In deze civiele procedure vordert de Stichting Volendam en andere eisers onderzoek naar het handelen van de Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE) in 1996, met name over een melding van vermoedelijk optreden als vermogensbeheerder zonder vergunning. De rechtbank benoemt prof. dr. J. Koelewijn als deskundige vanwege zijn wetenschappelijke expertise en ervaring met financieel toezicht, ondanks bezwaren van ABN AMRO Bank over zijn onafhankelijkheid en ervaring met de STE.
De rechtbank wijst het verzoek van ABN AMRO Bank om tussentijds hoger beroep toe te staan af, om vertraging te voorkomen. Tevens wordt bepaald dat ABN AMRO Bank het voorschot op de kosten van de deskundige moet deponeren, gezien het oordeel dat de rechtsvoorganger van ABN AMRO Bank haar onderzoeksplicht mogelijk heeft geschonden.
De deskundige krijgt de opdracht om binnen vier maanden een schriftelijk rapport op te stellen over de handelwijze van de STE in 1996, met beantwoording van specifieke vragen over meldingen, onderzoek, maatregelen en communicatie. Partijen zijn verplicht mee te werken aan het onderzoek en kunnen binnen vier weken na ontvangst van het concept-rapport opmerkingen indienen. De zaak wordt aangehouden tot na ontvangst van het deskundigenbericht.
Uitkomst: De rechtbank benoemt prof. dr. J. Koelewijn als deskundige en bepaalt dat ABN AMRO Bank het voorschot op de kosten moet deponeren, terwijl tussentijds hoger beroep wordt afgewezen.