ECLI:NL:RBHAA:2009:BI8698
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling gedifferentieerde WGA-premie en de invloed van oorzaak arbeidsongeschiktheid
Eiseres, een vennootschap onder firma, maakte bezwaar tegen de vaststelling van de gedifferentieerde WGA-premie voor het jaar 2008, vastgesteld op 1,74%. De discussie spitste zich toe op de vraag of bij de premie vaststelling rekening gehouden moest worden met een toename van arbeidsongeschiktheid van een voormalig werknemer na het beëindigen van het dienstverband in 2003.
De rechtbank verwees naar de wettelijke bepalingen in de Wet financiering sociale verzekeringen (WFsv) en het Besluit WFsv, waarin wordt voorgeschreven dat de premie wordt berekend op basis van uitkeringen die in het tweede kalenderjaar vóór het premiebetalingstijdvak zijn betaald aan werknemers die bij het intreden van de arbeidsongeschiktheid in dienst waren. De oorzaak van de toegenomen arbeidsongeschiktheid na het dienstverband is volgens de rechtbank geen relevant criterium.
De rechtbank baseerde zich ook op jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep omtrent de WAO-premievaststelling, die analoog wordt toegepast op de WGA-premie. Het beroep van eiseres werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter W.J.A.M. van Brussel op 15 juni 2009.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de vaststelling van de gedifferentieerde WGA-premie werd ongegrond verklaard.