ECLI:NL:RBHAA:2008:BD1682
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen beëindiging bijstandsuitkering wegens onder bewind gestelde erfenis
Verzoeker ontving een bijstandsuitkering op grond van de WWB. Na het overlijden van zijn ouders erfde hij een bedrag dat onder bewind is gesteld, waardoor hij er niet zelfstandig over kan beschikken. Verweerder beëindigde de bijstandsuitkering met verwijzing naar artikel 15 en Pro 55 WWB, stellende dat sprake was van een voorliggende voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelt dat een onder bewind gestelde erfenis geen voorliggende voorziening is zoals bedoeld in artikel 15 WWB Pro, omdat verzoeker feitelijk geen toegang heeft tot het vermogen. Daarnaast is artikel 55 WWB Pro niet correct toegepast, omdat verweerder geen specifieke verplichting aan verzoeker heeft opgelegd alvorens de uitkering te beëindigen.
Gelet op de financiële afhankelijkheid van verzoeker en het ontbreken van middelen, wordt de voorlopige voorziening toegewezen. De bestreden besluiten worden geschorst en verweerder wordt opgedragen voorschotten te verstrekken. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten en vergoeding van griffierechten.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen en de beëindiging van de bijstandsuitkering geschorst vanwege de onder bewind gestelde erfenis.