ECLI:NL:RBHAA:2008:BD0818
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid en rechtmatigheid van heffing precariobelasting op energie-infrastructuur in gemeentegrond
Eiseres, een dochtermaatschappij die het leidingnetwerk voor gas en elektriciteit beheert binnen de gemeente Haarlem, werd geconfronteerd met twee aanslagen precariobelasting over 2005. Zij stelde dat de verordening precariobelasting strijdig was met de Elektriciteitswet 1998, de Gaswet en de Gemeentewet, dat de gemeente niet bevoegd was tot heffing, dat het tarief willekeurig en onevenredig hoog was, en dat er sprake was van een in rechte te honoreren vertrouwen dat geen belasting zou worden geheven.
De rechtbank oordeelde dat de verordening niet onverenigbaar is met genoemde wetten en dat de gemeente bevoegd is tot heffing van precariobelasting, ook al kan zij de aanwezigheid van gas- en elektriciteitsnetten niet verbieden. De stelling dat de aanslagen in strijd zijn met artikel 8 van Pro de verordening werd verworpen omdat het heffen van belasting geen wijziging van een feitelijke toestand is.
Verder werd geoordeeld dat het tarief niet willekeurig of onredelijk hoog is, mede omdat eiseres dit niet concreet onderbouwde. Ook was er geen sprake van een vergoeding die gelijkstaat aan precariobelasting, noch van een schending van het vertrouwensbeginsel of het verbod van détournement de pouvoir. De beroepen werden daarom ongegrond verklaard en de aanslagen gehandhaafd of verminderd zoals in bezwaar bepaald.
Uitkomst: De beroepen tegen de aanslagen precariobelasting worden ongegrond verklaard en de aanslagen worden gehandhaafd of verminderd zoals in bezwaar bepaald.