ECLI:NL:RBHAA:2007:BB5465
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening
- G. Guinau
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WWB-uitkering wegens niet verstrekken verblijfplaats door adresloze
Verzoekster ontving sinds augustus 2006 een WWB-uitkering die per 22 juni 2007 werd beëindigd omdat zij geen informatie gaf over haar hoofdverblijf. Ondanks meerdere verzoeken en uitnodigingen aan verzoekster om haar verblijfplaats te melden, bleef zij dit nalaten. Verzoekster was adresloos en verweerder had haar een postadres toegekend, dat later weer werd ingetrokken vanwege het ontbreken van de gevraagde informatie.
Verzoekster maakte bezwaar tegen het besluit en vroeg om een voorlopige voorziening, stellende dat zij financieel in problemen was en niet verzekerd was. De voorzieningenrechter overwoog dat ook van een adresloze mag worden verlangd dat hij zijn feitelijke verblijfplaats opgeeft, omdat deze gegevens essentieel zijn voor het vaststellen van het recht op bijstand. Verzoekster had niet voldaan aan deze verplichting, ook niet na meerdere waarschuwingen.
De voorzieningenrechter verwijst naar jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep die bevestigt dat een adresloze niet is ontheven van de inlichtingenplicht. De rechtbank concludeert dat de beëindiging van de uitkering terecht is en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek om voorlopige voorziening af en bevestigt de beëindiging van de WWB-uitkering wegens niet verstrekken van verblijfplaatsinformatie.