ECLI:NL:RBHAA:2007:BB1039
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Jochem
- A. Roelvink-Verhoeff
- M.J. Leijdekker
- Rechtspraak.nl
Navorderingsaanslag inkomstenbelasting wegens onzakelijke pandoverdracht deels verminderd
Eiser en zijn echtgenote waren directeuren en aandeelhouders van een vennootschap die een bedrijfspand bezat. In 1998 werd het pand overgedragen aan eiser en zijn echtgenote tegen een prijs die door de Belastingdienst als onzakelijk laag werd aangemerkt. Verweerder legde een navorderingsaanslag en een vergrijpboete op.
Eiser voerde aan dat de economische eigendom al in 1997 was overgedragen en dat de overdrachtsprijs zakelijk was, gebaseerd op de WOZ-waarde. De rechtbank oordeelde dat de economische eigendomsoverdracht in 1997 niet aannemelijk was en dat de waarde van het pand door verweerder redelijk was vastgesteld, met uitzondering van de oppervlaktemaat.
De rechtbank stelde vast dat de door verweerder gehanteerde oppervlakte van 100 m² te hoog was en corrigeerde deze naar 94 m², wat leidde tot een lagere waarde van het pand. Tevens werd rekening gehouden met het feit dat het pand voor 50% eigendom was van de echtgenote van eiser. Hierdoor werd de navorderingsaanslag verminderd tot een belastbaar inkomen van € 54.012.
De boete werd gematigd van 50% naar 22,5% vanwege de ruime beoordelingsmarge bij waardebepaling en de overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank veroordeelde de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
De uitspraak werd gedaan op 18 juni 2007 door de rechtbank Haarlem, sector bestuursrecht, meervoudige belastingkamer.
Uitkomst: De navorderingsaanslag en boete werden verminderd wegens correctie van de pandwaarde en mede-eigendom, het beroep werd gegrond verklaard.