ECLI:NL:RBHAA:2007:BA6137
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Koolen-Zwijnenburg
- Kingma
- Malsch
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen opzettelijk brandstichten in moskee met discriminatoir karakter
Op 22 januari 2007 heeft verdachte samen met anderen een molotovcocktail gegooid tegen een moskee in Edam, waarin een Marokkaanse stichting en een gebedsruimte zijn gevestigd. Dit leidde tot brand en gevaar voor de aanwezige personen en goederen. De rechtbank achtte bewezen dat verdachte medepleegde aan deze opzettelijke brandstichting met een duidelijk discriminatoir karakter.
De rechtbank baseerde haar oordeel op diverse bewijsmiddelen, waaronder verklaringen van aanwezigen, verhoren van verdachte en medeverdachte, een NFI-rapport over brandversnellende middelen, en technisch rechercheonderzoek. Verdachte was zich bewust van de aanwezigheid van mensen in de moskee en hield rekening met het risico op levensgevaar.
De rechtbank oordeelde dat het niet van belang was wie precies de molotovcocktail gooide, omdat medeplegen vaststond. De daad werd gezien als een directe aantasting van het fundamentele recht op religie. Bij de strafoplegging werd rekening gehouden met persoonlijke omstandigheden van verdachte, zoals beschreven in het reclasseringsrapport.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot 12 maanden gevangenisstraf waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en bijzondere voorwaarden omtrent contact met de reclassering en mogelijke behandeling. Daarnaast werd een taakstraf van 240 uur opgelegd, met vervangende hechtenis bij niet-naleving.
De uitspraak benadrukt de ernst van het feit en het discriminatoire karakter van de brandstichting, waarbij het gevaar voor personen en goederen zwaar meewoog in de strafmaat.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 12 maanden gevangenisstraf waarvan 6 maanden voorwaardelijk en 240 uur taakstraf voor medeplegen van opzettelijk brandstichten in een moskee.