ECLI:NL:RBHAA:2007:BA4789
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing conserverende aanslag pensioen en heffingsrente
Eiser, die in 2002 naar de Verenigde Staten emigreerde, kreeg een conserverende aanslag inkomstenbelasting opgelegd over pensioenrechten opgebouwd tijdens binnenlandse belastingplicht. Hij betwistte de aanslag en de heffingsrente, stellende dat deze in strijd zijn met het belastingverdrag tussen Nederland en de VS, de goede trouw van verdragsluiters en het Verdrag van Wenen.
De rechtbank overwoog dat de aanslag betrekking heeft op een reële vermogenstoename op het moment van het beëindigen van de binnenlandse belastingplicht en dat Nederland op dat moment bevoegd is tot heffing. De aanslag is niet in strijd met het belastingverdrag of het Verdrag van Wenen. Het beroep op beleid om geen conserverende aanslagen op te leggen aan buitenlands belastingplichtigen faalt omdat dit beleid niet op eiser van toepassing is.
Wel werd geoordeeld dat de heffingsrente onterecht is vastgesteld en dient te worden vernietigd, aangezien geen handeling heeft plaatsgevonden die het uitstel van betaling kan beëindigen. De rechtbank veroordeelde de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierecht en wees de mogelijkheid tot hoger beroep toe.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard voor de heffingsrente, deze wordt vernietigd, de conserverende aanslag blijft in stand en de Staat wordt veroordeeld in proceskosten.