ECLI:NL:RBHAA:2007:AZ5963
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Uitleg cao-bepaling over berekening jubileumgratificatie bij vervroegd uittreden
Eiser trad acht maanden voor zijn 40-jarig ambtsjubileum vervroegd uit dienst bij werkgever RWE en ontving een jubileumgratificatie volgens de richtlijn van de werkgeversvereniging. Eiser betwistte de berekeningswijze en vorderde een hogere gratificatie op basis van een grammaticale uitleg van de cao-bepaling.
De cao bepaalt in artikel 3.4 de hoogte van de gratificatie bij het bereiken van dienstjaren en artikel 15.4 regelt een evenredige gratificatie bij vervroegd uittreden. Er bestaan twee berekeningsmethoden: een methode die het aantal maanden sinds de vorige gratificatie relateert aan de periode tot einde dienstverband, en een methode die de totale diensttijd relateert aan de diensttijd tot het volgende jubileum.
De werkgeversvereniging en werkgever hanteren de eerste methode, die volgens de rechtbank aansluit bij het doel van de gratificatie: beloning van trouw en loyaliteit. De grammaticale uitleg van eiser, die de tweede methode voorstaat, leidt tot een hogere uitkering maar is niet verenigbaar met de bedoeling van de cao-partijen.
De rechtbank concludeert dat de door werkgever gehanteerde methode passend is en wijst de vordering af. Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot een hogere jubileumgratificatie wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.