ECLI:NL:RBHAA:2006:AZ7323
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bank schendt contractuele zorgplicht door late afwijzing kredietaanvraag bedrijfspand
Eiser sloot een koopovereenkomst voor een bedrijfspand met een leveringsdatum uiterlijk 1 oktober 2002. Voor de financiering van de koopprijs en een waarborgsom deed eiser een kredietaanvraag bij Rabobank. De bank wees de financiering begin oktober 2002 feitelijk af, maar informeerde eiser hierover pas op 24 januari 2003, waardoor eiser onvoldoende tijd had om alternatieve financiering te vinden.
De rechtbank oordeelt dat de Rabobank daarmee haar contractuele zorgplicht heeft geschonden, aangezien zij eiser tijdig had moeten informeren om financiële consequenties te voorkomen. De bank had geen toezegging tot financiering gedaan en stond het vrij de aanvraag te weigeren, maar moest wel tijdig communiceren.
Eiser leed schade door het niet kunnen nakomen van de koopovereenkomst, waardoor een contractuele boete van 10% van de koopsom werd verbeurd. De vordering tot vergoeding van gederfde winst werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De schadevergoeding wordt verminderd met 75% wegens eigen schuld van eiser, die risico's nam op onbekend terrein met ervaren partijen.
De Rabobank wordt veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van EUR 46.140,75 met wettelijke rente vanaf 31 januari 2003 en in de proceskosten. De overige vorderingen worden afgewezen.
Uitkomst: Rabobank wordt veroordeeld tot betaling van EUR 46.140,75 schadevergoeding met wettelijke rente wegens schending van zorgplicht.