ECLI:NL:RBHAA:2006:AZ1407
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Waardevaststelling en toepassing drempel artikel 26a Wet WOZ bij bezwaar en beroep
Eiser betwist de vastgestelde WOZ-waarden van twee appartementen in Heemstede per 1 januari 2003 en de daarop gebaseerde aanslagen onroerende-zaakbelastingen 2005. Verweerder had de waarden bij primaire beschikking vastgesteld en deze bij uitspraak op bezwaar verlaagd. Eiser vordert een verdere verlaging van de waarden en vermindering van de aanslagen.
De rechtbank stelt vast dat de taxatie door verweerder zorgvuldig is uitgevoerd met passende vergelijkingsobjecten en dat eiser onvoldoende onderbouwing biedt voor zijn lagere waarderingen. Cruciaal is de uitleg van artikel 26a van de Wet WOZ, dat een drempelwaarde introduceert waarbinnen een vastgestelde waarde als juist wordt beschouwd.
De rechtbank beslist dat de drempel moet worden berekend op de waarde zoals die luidt na uitspraak op bezwaar, niet op de oorspronkelijke beschikking. Dit betekent dat de verlaagde waarde na bezwaar als uitgangspunt geldt, waardoor de beroepgronden van eiser niet slagen. De beroepen worden ongegrond verklaard en de aanslagen blijven gehandhaafd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en handhaaft de WOZ-waarden na bezwaar.