ECLI:NL:RBHAA:2005:AT8376
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering beëindigingsvergoeding wegens ingetrokken aanbod werkgever
De werknemer trad in 2000 in dienst bij Transavia als first officer Boeing 737. In januari 2004 ontving hij een brief van Transavia met een aanbod tot vervroegde uitdiensttreding met een afkoopsom, geldig van februari 2004 tot april 2005, waarbij Transavia zich het recht voorbehoudt aanvragen niet te honoreren.
De werknemer gaf in oktober 2004 aan gebruik te willen maken van de regeling, maar Transavia wees dit af omdat het aanbod inmiddels niet meer werd gehonoreerd. Het dienstverband eindigde per 1 december 2004. De werknemer vorderde een beëindigingsvergoeding van ruim €38.000.
De kantonrechter oordeelde dat het aanbod niet onvoorwaardelijk was en dat door de melding van de werknemer geen overeenkomst tot stand kwam. Transavia handelde niet willekeurig door aanvragen van captains wel te honoreren vanwege een overschot aan captains, terwijl er geen overschot was aan first officers.
De vordering werd afgewezen en de werknemer werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van de werknemer tot betaling van een beëindigingsvergoeding wordt afgewezen.