ECLI:NL:RBGRO:2012:BY0086
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing loonvordering buitenlandse werknemer bij overgang van onderneming uitzendbureau
De kantonrechter te Groningen behandelde een loonvordering van een buitenlandse werknemer die via uitzendbureaus werkzaam was bij een Nederlands vleesverwerkend bedrijf. De werknemer stelde dat het loon niet conform de toepasselijke CAO's was betaald en dat er sprake was van een overgang van onderneming tussen twee uitzendbureaus, waardoor de nieuwe werkgever aansprakelijk is voor achterstallig loon.
De kantonrechter oordeelde dat Nederlands recht van toepassing is op de arbeidsovereenkomst, omdat de werknemer gewoonlijk in Nederland werkte. Vervolgens werd vastgesteld dat er inderdaad sprake was van een overgang van onderneming tussen de twee uitzendbureaus, waardoor de rechten en verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst overgingen naar de nieuwe werkgever.
De loonvordering, inclusief achterstallig loon, vakantietoeslag, seniorendagen en vakantiedagen, werd grotendeels toegewezen. De wettelijke verhoging werd gematigd tot 25% vanwege het ontbreken van opzet of grove nalatigheid. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten werden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Tevens werd de werkgever veroordeeld tot het verstrekken van bewijsstukken over gewerkte zaterdaguren, met een dwangsom bij niet-naleving.
De kantonrechter wees de proceskosten toe aan de werknemer en verklaarde het vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: De loonvordering wordt toegewezen inclusief wettelijke verhoging en rente, bewijsbeslag wordt toegestaan, buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen.